Rechterbuitenspiegel
De rechterbuitenspiegel is de spiegel, of een gelijkwaardig camerasysteem, rechts aan je auto. Je gebruikt hem om rechts naast en schuin rechts achter je verkeer en obstakels te zien.
De rechterbuitenspiegel geeft je zicht op wat er rechts naast je auto gebeurt. Dat is onmisbaar bij uitvoegen, ritsen naar rechts, rechts afslaan, langs de stoeprand rijden, parkeren en wegrijden. Kwetsbare weggebruikers zoals fietsers, bromfietsers, snorfietsers en bestuurders van gehandicaptenvoertuigen bewegen vaak rechts van je en kunnen uit je dode hoek opduiken. Geen enkele spiegel haalt de dode hoek volledig weg. Verplaats je naar rechts, kijk dan binnenspiegel, rechterbuitenspiegel en maak een korte schouderblik rechts. Verplaats je naar links, dan binnenspiegel, linkerbuitenspiegel en een korte schouderblik links.
Stel eerst je stoel en zithouding goed af. Plaats daarna de rechterbuitenspiegel of stel het camerasysteem zo af dat je in je normale rijhouding het vereiste gezichtsveld hebt, zonder voorover te buigen of opzij te leunen. Praktisch werkt dit vaak het best: laat in de spiegel slechts een smalle strook van je eigen auto zien, met vooral zicht op de rijbaan direct rechts naast je. Een hoge horizon in het beeld geeft veel overzicht. Voor sommige personen- en lichte bedrijfsauto’s is een zicht op de horizon ook wettelijk vereist, maar voor andere voertuigen is dat een nuttige tip en niet altijd verplicht. Houd spiegelglas, camera en beeldscherm schoon, en stel op een scherm de helderheid zo dat je het beeld goed kunt aflezen bij fel zonlicht en in het donker.
Voor personenauto’s en bedrijfsauto’s met een technisch toegestane maximummassa van niet meer dan 2.000 kg die na 30 september 1988 in gebruik zijn genomen, gelden specifieke eisen voor de rechterbuitenspiegel. De spiegel moet zo zijn geplaatst dat je, volgens de officiële figuren 46 of 47, op grondniveau kunt overzien: een punt op het wegdek dat 20,00 meter achter je oogpunten ligt en 4,00 meter rechts van het meest rechts gelegen punt van de lading of een aanhangwagen, een deel van de rechterzijde van die lading of aanhangwagen, en de horizon, en je kunt tevens recht naar achteren kijken. Trek je een aanhangwagen of steekt je lading rechts uit, dan moet je de spiegel zo afstellen of uitbreiden dat dit zicht behouden blijft.
Een deugdelijk bevestigd camera-monitorsysteem mag de rechterbuitenspiegel vervangen, mits het hetzelfde betrouwbare gezichtsveld biedt. Gebruik je extra opzetspiegels bij een caravan of brede aanhanger, bevestig die stevig en stel ze zo af dat je aan de vereiste gezichtszones voldoet. Vertrouw niet alleen op sensoren of dodehoekwaarschuwers, die zijn een hulpmiddel maar vervangen je eigen kijkvolgorde niet. Is het zicht via de binnenspiegel beperkt, bijvoorbeeld door lading of een hoge hoofdsteun, dan wordt je rechterbuitenspiegel nog belangrijker voor je overzicht schuin rechtsachter.
Wat je moet onthouden
- De rechterbuitenspiegel mag worden vervangen door een deugdelijk bevestigd camera-monitorsysteem met een gelijkwaardig gezichtsveld.
- Linker- en rechterbuitenspiegel moeten zo zijn geplaatst dat je in je normale rijhouding het vereiste gezichtsveld hebt. Je hoeft niet te leunen of voorover te buigen om het noodzakelijke zicht te krijgen.
- Voor personenauto’s en bedrijfsauto’s met een technisch toegestane maximummassa van niet meer dan 2.000 kg die na 30 september 1988 in gebruik zijn genomen, moet de rechterbuitenspiegel zodanig zijn geplaatst dat je overeenkomstig figuur 46 of 47 kunt zien: op grondniveau een punt 20,00 m achter je oogpunten en 4,00 m rechts van het meest rechts gelegen punt van de lading of aanhangwagen, een deel van de rechterzijde van die lading of aanhangwagen, de horizon, en je kunt tevens recht naar achteren kijken.
- Trek je een aanhangwagen of vervoert je auto lading die rechts uitsteekt, dan moet je de rechterbuitenspiegel zo afstellen of uitbreiden dat het voorgeschreven gezichtsveld behouden blijft; bevestig extra spiegels of camera’s deugdelijk.
Misverstanden
- Denken dat de horizon altijd in beeld moet zijn. Dat is alleen een wettelijke eis voor bepaalde personen- en lichte bedrijfsauto’s die aan de genoemde voorwaarden voldoen.
- Aannemen dat de binnenspiegel genoeg is bij naar rechts wisselen van rijstrook. Je gebruikt altijd de rechterbuitenspiegel en maakt een korte schouderblik.
- Voorover buigen of opzij leunen om iets te kunnen zien. Het vereiste zicht moet je hebben in je normale rijhouding.
- Geloven dat elke camera of dashcam de buitenspiegel mag vervangen. Alleen een deugdelijk bevestigd camera-monitorsysteem met het juiste gezichtsveld is toegestaan.
- Vergeten extra spiegels te gebruiken bij een brede caravan of uitstekende lading, waardoor je het verplichte zicht op de rechterzijde van aanhangwagen of lading mist.
- Denken dat plakspiegeltjes of dodehoekspiegeltjes automatisch aan de wettelijke gezichtseisen voldoen. Ze zijn hooguit een hulpmiddel.
- Vertrouwen op dodehoeksensoren of waarschuwingen in plaats van zelf kijken in spiegel en over je schouder.
- Aannemen dat bromfietsers en snorfietsers altijd links blijven. Zij kunnen rechts langsrijden, dus scan je rechterbuitenspiegel extra zorgvuldig.
Niet verwarren met
- zijspiegel Bij de rechterbuitenspiegel gaat het specifiek om de spiegel aan de rechterkant, niet om beide zijspiegels samen.
- buitenspiegel Hier gaat het om de rechterkant, niet om de algemene term die zowel links als rechts kan betekenen.
- linkerbuitenspiegel De rechterbuitenspiegel zit aan de rechterkant van de auto, niet aan de linkerkant.
Bron: Regeling voertuigen, artikel 133aVoor de toepassing van deze titel wordt onder spiegel tevens verstaan deugdelijk bevestigde camera-monitorsystemen. § 1. Linker- en rechterbuitenspiegel Lees het artikel op wetten.overheid.nl Regeling voertuigen, artikel 134De linker- en rechterbuitenspiegel moeten zo zijn geplaatst dat de bestuurder in normale rijhouding het vereiste gezichtsveld heeft. Lees het artikel op wetten.overheid.nl Regeling voertuigen, artikel 139De rechterbuitenspiegel van een personenauto of een bedrijfsauto die na 30 september 1988 in gebruik is genomen met een technisch toegestane maximummassa van niet meer dan 2.000 kg, moet zodanig zijn geplaatst dat de bestuurder hiermee het gezichtsveld op grondniveau kan overzien, zoals weergegeven in figuur 46 of 47, waarbij de bestuurder: a. een punt op het wegdek, gelegen op 20,00 m achter de oogpunten van de bestuurder en 4,00 m naast het meest rechts gelegen punt van de lading of aanhangwagen; b. een deel van de rechterzijde van de lading of aanhangwagen, en c. de horizon kan zien, en hij tevens recht naar achteren kan kijken. Figuur 46. Rechterbuitenspiegel. Figuur 47. Rechterbuitenspiegel. Lees het artikel op wetten.overheid.nl
Waar dit bij hoort
Dit begrip komt aan bod in Je auto in orde: banden, verlichting en onderhoud, hoofdstuk 9 van de gratis theoriecursus.
Andere begrippen
Ook een rijschool nodig?
Dit begrip hoort bij de theorie. Die leer je hier gratis, voor de rijlessen heb je een rijschool nodig. Op Ribba vergelijk je rijscholen op het slagingspercentage van het CBR, het prijsniveau en de beoordelingen van eerdere leerlingen.
Rijscholen vergelijken