Autopech

autopech in het verkeer

Autopech is een onverwachte storing waardoor je auto niet veilig kan doorrijden.

Autopech is elke storing waardoor je auto niet meer normaal rijdt. Voorbeelden: een lekke band, een stilgevallen motor, een kapotte dynamo, of een foutmelding die rijden onverantwoord maakt. Pech treft je vaak op drukke of snelle wegen. Het komt altijd ongelegen, dus eerst veiligheid, dan pas oplossen of hulp.

Krijg je pech, zet veiligheid en zichtbaarheid voorop. Laat de auto uitrollen naar een zo veilig mogelijke plek, zo ver mogelijk rechts en zo veel mogelijk buiten de rijstrook. Lukt het, neem een afrit, een parkeerhaven of een brede berm. Zet je alarmlichten aan zodat anderen zien dat je niet normaal rijdt. Stap aan de bermkant uit en breng inzittenden naar een veilige plek, op snelwegen achter de vangrail. Bel pas als iedereen veilig staat en regel dan pechhulp.

Stilstaan op snelle wegen is levensgevaarlijk. Rolt de auto nog, kies de vluchtstrook, een pechhaven of een afrit. Staat hij stil, blijf niet voor of naast de auto op de rijbaan. Ga achter de vangrail of zo ver mogelijk van het verkeer af en wacht op hulp. Open de motorkap alleen als dat veilig kan en geen extra aandacht of gevaar geeft. Je doel is dat anderen je op tijd zien en kunnen uitwijken.

Is de pech verholpen en kun je weer rijden, voeg dan kalm in. Kijk ruim om je heen, geef op tijd richting en kies een groot gat. Onderzoek daarna de oorzaak en sla dat niet over. Een kleine storing kan later op een slechter moment terugkomen. Denk aan tijdig onderhoud of het vervangen van een versleten band of accu. Zo verklein je de kans dat je weer ongewild langs de kant staat.

Wat je moet onthouden

  • Stop zo veilig en zichtbaar mogelijk, liefst ver rechts of in haven of berm.
  • Zet je alarmlichten aan, stap aan de bermkant uit en ga op afstand staan.
  • Bel pas als het veilig is: bij direct gevaar de hulpdiensten, anders pechhulp.
  • Wacht niet onnodig in of naast de auto, zeker niet op snelle wegen.

Misverstanden

  • Blijven zitten in de auto op vluchtstrook of rijbaan is gevaarlijk door passerend verkeer.
  • Op de rijbaan sleutelen of de motorkap openen terwijl verkeer vlak langs je komt.
  • Geen alarmlichten gebruiken of de auto half op de rijstrook laten staan, waardoor achteropkomend verkeer je te laat ziet.

Niet verwarren met

  • ongeval Hier gaat het om stilvallen door een technisch probleem, niet om schade door een botsing.
  • pechhulpdienst Hier gaat het om het probleem aan je auto, niet om de hulp of organisatie eromheen.
  • vluchtstrook Hier gaat het om de noodsituatie waardoor je moet stoppen, niet om de plek waar je veilig stil mag staan.

Waar dit bij hoort

Dit begrip komt aan bod in Pech, ongeval en je eigen toestand, hoofdstuk 10 van de gratis theoriecursus.

Andere begrippen

Ook een rijschool nodig?

Dit begrip hoort bij de theorie. Die leer je hier gratis, voor de rijlessen heb je een rijschool nodig. Op Ribba vergelijk je rijscholen op het slagingspercentage van het CBR, het prijsniveau en de beoordelingen van eerdere leerlingen.

Rijscholen vergelijken