<!-- Machine-leesbare versie van https://ribba.nl/gratis-theorie-leren/gebruik-van-de-weg -->

> Gebruik de rijbaan en houd zoveel mogelijk rechts, haal in principe links in en ken de maximumsnelheden, plus de regels voor stilstaan en parkeren. Weet ook wat veelvoorkomende wegtermen betekenen zodat je situaties beter herkent. Onderdeel 1 van 11 van de gratis theoriecursus voor het CBR-examen auto, met de wetsartikelen erbij.

Hoofdstuk 1 van 11

# Gebruik van de weg

![Gebruik van de weg: een Nederlandse verkeerssituatie vanuit de bestuurdersstoel](/gratis-theorie-leren/gebruik-van-de-weg.webp?v=696f8b36)

Gebruik de rijbaan en houd zoveel mogelijk rechts, haal in principe links in en ken de maximumsnelheden, plus de regels voor stilstaan en parkeren. Weet ook wat veelvoorkomende wegtermen betekenen zodat je situaties beter herkent.

**Waar het CBR naar vraagt:** De plaats op de weg, voorsorteren, inhalen, maximumsnelheid, stilstaan en parkeren.

Niveau K+. Je neemt een juiste beslissing in een situatie en laat zien dat je begrijpt hoe de regel werkt. Bijvoorbeeld: wie laat je hier voorgaan?

## De borden bij dit hoofdstuk

Klik op een bord voor de betekenis en wat je moet doen.

-   [![Verkeersbord A1: Maximumsnelheid](/borden/A1.png)
    
    A1
    
    Maximumsnelheid
    
    ](/verkeersborden/a1)
-   [![Verkeersbord A2: Einde maximumsnelheid](/borden/A2.png)
    
    A2
    
    Einde maximumsnelheid
    
    ](/verkeersborden/a2)
-   [![Verkeersbord A3: Maximumsnelheid op een electronisch signaleringsbord](/borden/A3.png)
    
    A3
    
    Maximumsnelheid op een electronisch signaleringsbord
    
    ](/verkeersborden/a3)
-   [![Verkeersbord A4: Adviessnelheid](/borden/A4.png)
    
    A4
    
    Adviessnelheid
    
    ](/verkeersborden/a4)
-   [![Verkeersbord E1: Parkeerverbod](/borden/E1.png)
    
    E1
    
    Parkeerverbod
    
    ](/verkeersborden/e1)
-   [![Verkeersbord E2: Verbod stil te staan](/borden/E2.png)
    
    E2
    
    Verbod stil te staan
    
    ](/verkeersborden/e2)
-   [![Verkeersbord F1: Verbod voor motorvoertuigen om elkaar onderling in te halen](/borden/F1.png)
    
    F1
    
    Verbod voor motorvoertuigen om elkaar onderling in te halen
    
    ](/verkeersborden/f1)
-   [![Verkeersbord F3: Verbod voor vrachtauto's om motorvoertuigen in te halen](/borden/F3.png)
    
    F3
    
    Verbod voor vrachtauto's om motorvoertuigen in te halen
    
    ](/verkeersborden/f3)
-   [![Verkeersbord G5: Erf](/borden/G5.png)
    
    G5
    
    Erf
    
    ](/verkeersborden/g5)
-   [![Verkeersbord H1: Bebouwde kom](/borden/H1.png)
    
    H1
    
    Bebouwde kom
    
    ](/verkeersborden/h1)
-   [![Verkeersbord H2: Einde bebouwde kom](/borden/H2.png)
    
    H2
    
    Einde bebouwde kom
    
    ](/verkeersborden/h2)

## Plaats op de weg: zoveel mogelijk rechts

Als bestuurder gebruik je de rijbaan en houd je zoveel mogelijk rechts.

Als bestuurder rijd je op de rijbaan en houd je zoveel mogelijk rechts.

Andere weggebruikers hebben vaak een eigen plek: voetgangers gebruiken het [trottoir](/begrippen/trottoir) of voetpad. Fietsers gebruiken het verplichte [fietspad](/begrippen/fietspad), anders de rijbaan, en bromfietsers het fiets/bromfietspad, anders de rijbaan. Bestuurders van een [gehandicaptenvoertuig](/begrippen/gehandicaptenvoertuig) mogen op trottoir, voetpad, fietspad, fiets/bromfietspad of rijbaan rijden. Ruiters gebruiken het ruiterpad, anders [berm](/begrippen/berm) of rijbaan.

Voetgangers mogen de rijbaan gebruiken bij een colonne, optocht of [uitvaartstoet](/begrippen/uitvaartstoet).

Je rijdt met de auto op een tweerichtingsweg in een woonstraat. Rechts ligt een [fietsstrook](/begrippen/fietsstrook) met doorgetrokken streep en er nadert tegenverkeer. Jij blijft op de rijbaan zoveel mogelijk rechts, maar niet op de fietsstrook. Dat doe je omdat je rechts moet houden, maar een fietsstrook met doorgetrokken streep niet mag gebruiken.

Twee fietsers naast elkaar mag; snorfietsers niet.

Een onderbroken fietsstrook hoort bij de rijbaan; die mag je zo nodig gebruiken.

Bron: **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 3**1 Bestuurders zijn verplicht zoveel mogelijk rechts te houden. 2 Fietsers mogen met zijn tweeën naast elkaar rijden. Dit geldt niet voor snorfietsers. [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel3) **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 4**1 Voetgangers gebruiken het trottoir of het voetpad. 2 Zij gebruiken het fietspad of het fiets/bromfietspad indien trottoir en voetpad ontbreken. 3 Zij gebruiken de berm of de uiterste zijde van de rijbaan, indien ook een fietspad of een fiets/bromfietspad ontbreekt. 4 In afwijking van het eerste en het tweede lid gebruiken personen die zich verplaatsen met behulp van voorwerpen, niet zijnde voertuigen, het fietspad, het fiets/bromfietspad, het trottoir of het voetpad. Zij gebruiken de rijbaan indien een fietspad, een fiets/bromfietspad, een trottoir of een voetpad ontbreekt. [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel4) **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 5**1 Fietsers gebruiken het verplichte fietspad of het fiets/bromfietspad. 2 Zij gebruiken de rijbaan indien een verplicht fietspad of een fiets/bromfietspad ontbreekt. 3 Zij mogen het onverplichte fietspad gebruiken. Bestuurders van snorfietsen uitgerust met een verbrandingsmotor mogen het onverplichte fietspad slechts gebruiken met uitgeschakelde motor. 4 Bestuurders van fietsen op meer dan twee wielen die met inbegrip van de lading breder zijn dan 0,75 meter en van fietsen met aanhangwagen die met inbegrip van de lading breder zijn dan 0,75 meter mogen de rijbaan gebruiken. 5 Bestuurders vanaf 16 jaar van snorfietsen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, subonderdeel d, van de wet mogen het trottoir en het voetpad gebruiken indien zij beschikken over een gehandicaptenparkeerkaart of een bij ministeriële regeling aangewezen kaart ten behoeve van het vervoer van gehandicapten. 6 Bestuurders jonger dan 16 jaar van snorfietsen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, subonderdeel d, van de wet gebruiken het trottoir of het voetpad indien zij beschikken over een gehandicaptenparkeerkaart of een bij ministeriële regeling aangewezen kaart ten behoeve van het vervoer van gehandicapten. 7 Het eerste lid, het tweede lid en het vierde lid gelden niet voor bestuurders als bedoeld in het zesde lid. 8 Bestuurders van snorfietsen gebruiken de rijbaan indien dit bij verkeersbesluit, bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de wet , is bepaald en bij het verkeersteken dat het verplichte fietspad aangeeft een onderbord dit aanduidt. 9 Het achtste lid is niet van toepassing op snorfietsen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, onder d, van de wet en op bestuurders van snorfietsen zijnde bestuurders als bedoeld in het vijfde en zesde lid van dit artikel. [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel5) **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 6**1 Bromfietsers gebruiken het fiets/bromfietspad. 2 Zij gebruiken de rijbaan indien een fiets/bromfietspad ontbreekt. 3 Bestuurders van bromfietsen op meer dan twee wielen en bromfietsen met aanhangwagen, die met inbegrip van de lading breder zijn dan 0,75 meter, gebruiken de rijbaan. [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel6) **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 7**Bestuurders van een gehandicaptenvoertuig gebruiken het trottoir, het voetpad, het fietspad, het fiets/bromfietspad of de rijbaan. [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel7) **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 8**1 Ruiters gebruiken het ruiterpad. 2 Zij gebruiken de berm of de rijbaan indien een ruiterpad ontbreekt. [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel8) **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 9**Voetgangers mogen de rijbaan gebruiken, indien zij een colonne, een optocht of een uitvaartstoet vormen. [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel9) **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 10**1 Andere bestuurders dan die genoemd in de artikelen 5 tot en met 8 gebruiken de rijbaan. Deze bestuurders en voetgangers die een aanhangwagen voortbewegen die kennelijk bestemd is om door een motorvoertuig te worden voortbewogen, mogen voor het parkeren van hun voertuig tevens andere weggedeelten gebruiken, behalve het trottoir, het voetpad, het fietspad, het fiets/bromfietspad of het ruiterpad. 2 Andere bestuurders dan fietsers en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig mogen fietsstroken met doorgetrokken strepen niet gebruiken. § 2. Inhalen [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel10)

## Rijstroken, linker-rijstrook en fietsstroken

Je rijdt op een rijstrook en gebruikt geen [fietsstrook](/begrippen/fietsstrook) met doorgetrokken strepen, behalve als je fietser of bestuurder van een [gehandicaptenvoertuig](/begrippen/gehandicaptenvoertuig) bent.

De linker-rijstrook is de rijstrook helemaal links op een rijbaan met meerdere rijstroken. Je kiest je rijstrook bij je route. En bij het verkeer om je heen. Fietsstroken met doorgetrokken strepen gebruik je niet als bestuurder van een [motorvoertuig](/begrippen/motorvoertuig). Behalve met een gehandicaptenvoertuig of als je fietser bent. Een [suggestiestrook](/begrippen/suggestiestrook) is een optische strook aan de zijkant van de rijbaan. Hij lijkt op een fietsstrook. Maar zonder de [markering](/begrippen/markering) of borden van een echte fietsstrook. Een verhoogde [rijbaanscheiding](/begrippen/rijbaanscheiding) is een fysieke, verhoogde afscheiding tussen rijbanen. Voorbeeld: een betonnen of betegelde strook.

Op een weg met twee rijstroken per richting stokt rechts verkeer, naast een fietsstrook met doorgetrokken streep. Je gaat naar de linker-rijstrook en blijft van die strook af. Dat doe je omdat je je rijstrook op route en verkeer kiest, en een motorvoertuig die fietsstrook niet gebruikt.

Fietsstrook en suggestiestrook worden verwisseld; het verbod geldt bij doorgetrokken strepen.

Bron: **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 10**1 Andere bestuurders dan die genoemd in de artikelen 5 tot en met 8 gebruiken de rijbaan. Deze bestuurders en voetgangers die een aanhangwagen voortbewegen die kennelijk bestemd is om door een motorvoertuig te worden voortbewogen, mogen voor het parkeren van hun voertuig tevens andere weggedeelten gebruiken, behalve het trottoir, het voetpad, het fietspad, het fiets/bromfietspad of het ruiterpad. 2 Andere bestuurders dan fietsers en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig mogen fietsstroken met doorgetrokken strepen niet gebruiken. § 2. Inhalen [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel10)

## Lange combinaties en de rijstroken die je mag gebruiken

Met een combinatie langer dan 7 meter gebruik je op autosnelwegen met drie of meer rijstroken alleen de twee rechterrijstroken, behalve bij voorsorteren.

Op een [autosnelweg](/begrippen/autosnelweg) met drie of meer rijstroken gebruik je met een aanhangwagen of caravan langer dan 7 meter alleen de twee rechterrijstroken. Je blijft uit de linker rijstrook, omdat zo’n combinatie traag inhaalt en de [doorstroming](/begrippen/doorstroming) hindert.

Situatie: je rijdt met caravan op een autosnelweg met drie rijstroken. Rechts rijdt een vrachtauto iets langzamer. Jij gaat naar de middelste rijstrook en haalt rustig in. Waarom: je mag de linker rijstrook niet gebruiken met een combinatie langer dan 7 meter. Zodra het kan ga je weer terug naar rechts.

Voorsorteren (tijdig naar de juiste rijstrook voor je route) mag, maar alleen voor een [splitsing](/begrippen/splitsing) of afrit. Niet om sneller in te halen. Twijfel je over je lengte, reken jezelf tot deze regel.

Bron: **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 3**1 Bestuurders zijn verplicht zoveel mogelijk rechts te houden. 2 Fietsers mogen met zijn tweeën naast elkaar rijden. Dit geldt niet voor snorfietsers. [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel3) **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 43**1 Het is de bestuurders verboden op een autosnelweg of autoweg hun voertuig te keren of achteruit te rijden. 2 Het is de bestuurders voorts verboden op de rijbaan van een autosnelweg of autoweg hun voertuig te laten stilstaan. 3 Behoudens in noodgevallen is het de weggebruikers verboden op een autosnelweg of autoweg gebruik te maken van de vluchtstrook, de vluchthaven of de berm. 4 Op een autosnelweg is het bestuurders van een samenstel van voertuigen met een totale lengte van meer dan 7 meter en van een vrachtauto verboden op een rijbaan met drie of meer rijstroken enig andere dan de twee meest rechts gelegen rijstroken te gebruiken. Het verbod geldt niet voor het geval zij moeten voorsorteren. § 17. Erven [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel43)

## Voorsorteren en links afslaan

Als je links voorgesorteerd hebt en richting aangeeft naar links, mag verkeer jou rechts inhalen.

Voorsorteren is op tijd je plek kiezen voor afslag of richting, bijvoorbeeld links voorsorteren voor linksaf. Links voorgesorteerd en richting links: verkeer mag je rechts inhalen. Met een [uitvoegstrook](/begrippen/uitvoegstrook) verlaat je de rijbaan naar afrit of zijweg; gebruik die voor je afslag. Dit geldt voor alle bestuurders.

Bij een kruispunt op een brede weg wil je linksaf. Rechts naast je gaat verkeer rechtdoor. Je sorteert tijdig links en zet richting links aan. Je blijft links staan en laat rechts voorbij, want dan mogen bestuurders je rechts inhalen.

Verwar dit niet met zomaar rechts passeren. Alleen als je links hebt voorgesorteerd én links aangeeft, geldt de uitzondering.

Op een kruispunt met linksafstrook naast een rijstrook voor rechtdoor staat rechts een auto. Jij kiest tijdig links en zet richting links aan. Je blijft links en slaat af, want rechts mag voorbij.

Vergeten wordt vaak dat een fietser je rechts voorbij mag.

Bron: **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 11**1 Inhalen geschiedt links. 2 Bestuurders die links voorgesorteerd hebben en te kennen hebben gegeven dat zij naar links willen afslaan, worden rechts ingehaald. 3 Fietsers dienen elkaar links in te halen; zij mogen andere bestuurders rechts inhalen. 4 Bestuurders die zich rechts van een blokmarkering bevinden mogen bestuurders die zich links van deze markering bevinden rechts inhalen. 5 Bestuurders mogen trams rechts inhalen. [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel11)

## Inhalen: hoofdregel en uitzonderingen

Inhalen doe je links, behalve in de genoemde uitzonderingen.

De hoofdregel: je haalt links in.

Uitzonderingen gelden. Bestuurder: wie een voertuig bestuurt. Een bestuurder die links heeft voorgesorteerd en links wil afslaan, mag je rechts inhalen. Fietsers halen elkaar links in, maar mogen andere bestuurders rechts inhalen. Rij jij rechts van een [blokmarkering](/begrippen/blokmarkering) en een ander links, mag je rechts inhalen. Trams mag je rechts inhalen.

Je mag niet inhalen vlak voor of op een [voetgangersoversteekplaats](/begrippen/voetgangersoversteekplaats).

In een woonstraat wacht je achter een auto die links heeft voorgesorteerd en richting links aangeeft. Jij rijdt rechts langs hem en gaat rechtdoor. Dat mag, want zo'n bestuurder mag je rechts inhalen.

Soms denk je dat rechts inhalen mag zodra iemand links rijdt. Dat klopt alleen als hij links heeft voorgesorteerd en dat heeft aangegeven. Voor fietsers geldt: andere fietsers links inhalen.

Het inhaalverbod bij een voetgangersoversteekplaats geldt ook voor fietsers: een fiets is een voertuig.

Bron: **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 11**1 Inhalen geschiedt links. 2 Bestuurders die links voorgesorteerd hebben en te kennen hebben gegeven dat zij naar links willen afslaan, worden rechts ingehaald. 3 Fietsers dienen elkaar links in te halen; zij mogen andere bestuurders rechts inhalen. 4 Bestuurders die zich rechts van een blokmarkering bevinden mogen bestuurders die zich links van deze markering bevinden rechts inhalen. 5 Bestuurders mogen trams rechts inhalen. [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel11) **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 12**Het is verboden een voertuig vlak voor of op een voetgangersoversteekplaats in te halen. § 3. Files [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel12)

## Fileverkeer en rechts inhalen in de file

In file mag je niet op de meest rechter rijstrook blijven en je mag rechts inhalen.

[Autosnelweg](/begrippen/autosnelweg) met drie rijstroken in dezelfde richting, verkeer staat stil. Jij blijft rechts en passeert links langzaam. Dat mag, omdat dit fileverkeer is, je niet op de meest rechter rijstrook hoeft te blijven en rechts inhalen is toegestaan.

Verwarring ontstaat tussen file en langzaam verkeer. Zonder file, zonder lange rij die stil of stapvoets gaat, geen rechts inhalen. Rijbaan en rijstrook niet verwarren.

Aan het begin van een tunnel met drie rijstroken staat het verkeer vast. Je blijft op de rechterstrook en rijdt stapvoets door, terwijl links stilstaat. Zo passeer je voertuigen links van je rechts. Dat mag, want dit is fileverkeer op rijstroken in dezelfde richting, dus rechts inhalen is toegestaan. Verwissel dit niet met gewoon langzaam verkeer zonder lange rij; dan mag het niet.

Bron: **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 13**1 Bij fileverkeer behoeft, indien de rijbaan is verdeeld in rijstroken in dezelfde richting, niet de meest rechts gelegen rijstrook te worden gevolgd. 2 Files mogen aan de rechterzijde worden ingehaald. § 4. Oprijden van kruispunten [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel13)

## Maximumsnelheid binnen de bebouwde kom

Binnen de [bebouwde kom](/begrippen/bebouwde-kom) is de [maximumsnelheid](/begrippen/maximumsnelheid) voor motorvoertuigen 50 km per uur.

Binnen de bebouwde kom is je maximumsnelheid met een [motorvoertuig](/begrippen/motorvoertuig) 50 km per uur. Rijd je met andere voertuigen of op paden? Binnen de bebouwde kom gelden specifieke maxima uit de regels.

Langs een woonstraat met een fiets/bromfietspad rijd je op een bromfiets, naast verkeer op de rijbaan. Je houdt 30 op het fiets/bromfietspad, omdat bromfietsen daar binnen de kom 30 mogen en motorvoertuigen op de rijbaan 50.

Je denkt snel dat 50 overal geldt. Niet zo. Voor bromfietsen 30 op het fiets/bromfietspad, 45 op de rijbaan. Op [trottoir](/begrippen/trottoir) of voetpad 6 voor snorfietsen en gehandicaptenvoertuigen met motor.

Ter hoogte van een wijkweg zonder fiets/bromfietspad rijd je op een bromfiets op de rijbaan. Je houdt 45. Want bromfietsen op de rijbaan binnen de kom mogen 45.

[Snorfiets](/begrippen/snorfiets) en bromfiets worden door elkaar gehaald. Snorfiets op trottoir of voetpad 6, bromfiets op fiets/bromfietspad 30, rijbaan 45.

Bron: **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 20**Binnen de bebouwde kom gelden de volgende maximumsnelheden: a. voor motorvoertuigen 50 km per uur; b. voor bromfietsen en gehandicaptenvoertuigen, uitgerust met een motor: 1. op het fiets/bromfietspad 30 km per uur; 2. op de rijbaan 45 km per uur; 3. op het fietspad, voor de hier bedoelde gehandicaptenvoertuigen, 30 km per uur; c. voor gehandicaptenvoertuigen, uitgerust met een motor, en snorfietsen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, subonderdeel d, van de wet op het trottoir of het voetpad 6 km per uur. [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel20)

## Maximumsnelheid buiten de bebouwde kom

Buiten de [bebouwde kom](/begrippen/bebouwde-kom) rij je met een [personenauto](/begrippen/personenauto) maximaal 130 op autosnelwegen en 100 op autowegen. Op andere wegen 80, in km per uur.

Op autosnelwegen geldt 130, op autowegen 100 en op andere wegen 80 km per uur, voor motorvoertuigen. Dat zijn de maxima. Sommige voertuigsoorten en combinaties hebben een eigen [maximumsnelheid](/begrippen/maximumsnelheid).

Buiten de bebouwde kom op een [autoweg](/begrippen/autoweg) rijdt een auto voor je met 120. Jij komt vanaf een [invoegstrook](/begrippen/invoegstrook) en sluit aan. Je versnelt tot 100 en blijft daar. Dat doe je omdat voor motorvoertuigen op autowegen 100 geldt buiten de bebouwde kom.

Autoweg en [autosnelweg](/begrippen/autosnelweg) haal je door elkaar; buiten de bebouwde kom geldt 130 alleen op de autosnelweg.

Buiten de bebouwde kom rijd je op een weg zonder autosnelweg- of autowegbord. Een bestelauto achter je dringt aan. Jij houdt 80 aan en laat je niet opjagen. Dat doe je omdat op ‘andere wegen’ 80 geldt.

Soms haal je 100 en 130 door elkaar. 130 geldt alleen op de autosnelweg. Tankstations, parkeerplaatsen en bushaltes ernaast horen daar niet bij.

Bron: **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 21**Buiten de bebouwde kom gelden de volgende maximumsnelheden: a. voor motorvoertuigen op autosnelwegen 130 km per uur, op autowegen 100 km per uur en op andere wegen 80 km per uur; b. voor bromfietsen en gehandicaptenvoertuigen, uitgerust met een motor: 1. op het fiets/bromfietspad 40 km per uur; 2. op de rijbaan 45 km per uur; 3. op het fietspad, voor de hier bedoelde gehandicaptenvoertuigen, 40 km per uur; c. voor gehandicaptenvoertuigen, uitgerust met een motor, en snorfietsen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, subonderdeel d, van de wet op het trottoir of het voetpad 6 km per uur. [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel21)

## Bijzondere maximumsnelheden die je moet kennen

Met een [personenauto](/begrippen/personenauto) met aanhangwagen van niet meer dan 3500 kg rijd je maximaal 90 km/uur.

Voor personenauto’s, bestelauto’s, motorfietsen, driewielige motorvoertuigen en T100-bussen met een aanhangwagen met een toegestane [maximummassa](/begrippen/maximummassa) van niet meer dan 3500 kg geldt 90 km/uur. Toegestane maximummassa staat op het kenteken. Andere voertuigcategorieën hebben bijzondere maxima in de regels.

Verwar toegestane maximummassa niet met echt gewicht. Het gaat om wat op het kenteken staat.

Na een tankstop rijd je een [autoweg](/begrippen/autoweg) op met een personenauto en een aanhangwagen met een toegestane maximummassa van niet meer dan 3500 kg. Je kiest 90 km/uur en niet harder. Want voor personenauto’s met zo’n aanhangwagen geldt 90 als bijzondere [maximumsnelheid](/begrippen/maximumsnelheid), ook als anderen sneller rijden.

Je verwart snel de hoge snelheden op de borden met jouw bijzondere maximum. Een T100-bus mag zonder aanhangwagen 100, maar met een aanhangwagen tot 3500 kg nog maar 90. Een vrachtauto met aanhangwagen valt niet onder 90, maar onder 80. Jij houdt die lagere waarde aan.

Bron: **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 22**Voor zover niet ingevolge andere artikelen van dit besluit een lagere maximumsnelheid geldt, gelden voor de volgende voertuigen de volgende bijzondere maximumsnelheden: a. voor kampeerwagens die volgens het kentekenbewijs behoren tot de categorie bedrijfsauto’s en waarvan de toegestane maximummassa meer bedraagt dan 3500 kg, vrachtauto’s en autobussen, niet zijnde T100-bussen, 80 km per uur; b. voor T100-bussen 100 km per uur; c. voor brommobielen 45 km per uur; d. voor snorfietsen 25 km per uur; e. voor personenauto’s, bestelauto’s, motorfietsen, driewielige motorvoertuigen en T100-bussen, die een aanhangwagen met een toegestane maximummassa van niet meer dan 3500 kg voortbewegen, 90 km per uur; f. voor andere dan de in onderdeel e genoemde motorvoertuigen met aanhangwagen 80 km per uur. [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel22)

## Minimumsnelheid op de autoweg en de autosnelweg

Op de [autoweg](/begrippen/autoweg) rijd je minimaal 50 km/u en op de [autosnelweg](/begrippen/autosnelweg) minimaal 60 km/u; kun of mag je dat niet, dan ga je daar niet rijden.

Op de autoweg rijd je minimaal 50 km/u. Op de autosnelweg minimaal 60 km/u. Haalt of mag jouw voertuig dat niet, dan ga je daar niet rijden. De ondergrens voorkomt grote snelheidsverschillen. Te langzaam tussen snel verkeer is gevaarlijk.

Je rijdt in een [brommobiel](/begrippen/brommobiel) buiten de [bebouwde kom](/begrippen/bebouwde-kom). Je nadert een oprit van een autoweg. Jij rijdt niet de oprit op, maar volgt de gewone weg. Je doet dat omdat je daar minstens 50 km/u moet kunnen rijden. Jij kiest een route zonder autoweg.

Hier gaat het vaak mis op het examen. Je verwart de 50 en 60, of het soort weg. Je denkt dat je bij rustig verkeer wel langzamer mag. Nee, je blijft boven het minimum of je gaat die weg niet op.

Bron: **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 22**Voor zover niet ingevolge andere artikelen van dit besluit een lagere maximumsnelheid geldt, gelden voor de volgende voertuigen de volgende bijzondere maximumsnelheden: a. voor kampeerwagens die volgens het kentekenbewijs behoren tot de categorie bedrijfsauto’s en waarvan de toegestane maximummassa meer bedraagt dan 3500 kg, vrachtauto’s en autobussen, niet zijnde T100-bussen, 80 km per uur; b. voor T100-bussen 100 km per uur; c. voor brommobielen 45 km per uur; d. voor snorfietsen 25 km per uur; e. voor personenauto’s, bestelauto’s, motorfietsen, driewielige motorvoertuigen en T100-bussen, die een aanhangwagen met een toegestane maximummassa van niet meer dan 3500 kg voortbewegen, 90 km per uur; f. voor andere dan de in onderdeel e genoemde motorvoertuigen met aanhangwagen 80 km per uur. [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel22) **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 43**1 Het is de bestuurders verboden op een autosnelweg of autoweg hun voertuig te keren of achteruit te rijden. 2 Het is de bestuurders voorts verboden op de rijbaan van een autosnelweg of autoweg hun voertuig te laten stilstaan. 3 Behoudens in noodgevallen is het de weggebruikers verboden op een autosnelweg of autoweg gebruik te maken van de vluchtstrook, de vluchthaven of de berm. 4 Op een autosnelweg is het bestuurders van een samenstel van voertuigen met een totale lengte van meer dan 7 meter en van een vrachtauto verboden op een rijbaan met drie of meer rijstroken enig andere dan de twee meest rechts gelegen rijstroken te gebruiken. Het verbod geldt niet voor het geval zij moeten voorsorteren. § 17. Erven [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel43)

## Kunnen stoppen binnen je zicht en omgaan met obstakels

Je stopt altijd binnen de afstand die je kunt overzien en die vrij is.

Kies je snelheid en volgafstand zo dat je binnen je zicht en de vrije [wegligging](/begrippen/wegligging) stopt. Daar houd je steeds rekening mee.

Een [wegversmalling](/begrippen/wegversmalling) is deel van de weg waar de rijbaan smaller wordt en je ruimte krimpt. Vaak vermindert ook je zicht bij zo'n versmalling.

Een [verkeersdrempel](/begrippen/verkeersdrempel) is verhoging in het wegdek die aandacht vraagt en je rijlijn en comfort beïnvloedt. Pas je snelheid aan, zodat je veilig binnen zichtafstand stopt.

Voor je ligt een woonstraat met een wegversmalling en geparkeerde auto's. Een tegenligger zit al in de doorgang, vlak ervoor ligt een verkeersdrempel. Jij neemt gas los, kiest vóór de versmalling een wachtruimte en remt tot stilstand. Dat doe je omdat je alleen doorrijdt als je binnen je zicht en de vrije wegligging kunt stoppen.

Zichtafstand is geen volgafstand: onzichtbaar betekent niet vrij voor jou.

Heuveltoppen en bochten verleiden je tot te veel snelheid voor je zicht. Jij past dan je snelheid aan op het deel dat je wél ziet en vrij is.

Bron: **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 19**De bestuurder moet in staat zijn zijn voertuig tot stilstand te brengen binnen de afstand waarover hij de weg kan overzien en waarover deze vrij is. [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel19)

## Stilstaan: waar het niet mag

Je mag niet stilstaan op de in de regels verboden plaatsen, zoals kruispunten en oversteekplaatsen.

Je mag niet stilstaan op een kruispunt of een [overweg](/begrippen/overweg). Niet op een [fietsstrook](/begrippen/fietsstrook) en evenmin op de rijbaan langs een fietsstrook. Ook niet op een oversteekplaats of binnen vijf meter daarvan. Niet in een tunnel. Niet bij een bushalte ter hoogte van de geblokte [markering](/begrippen/markering), of anders dichter dan 12 meter van het bord. Niet op de rijbaan langs een [busstrook](/begrippen/busstrook), en niet langs een gele doorgetrokken streep.

Uitzondering bij de bushalte: je mag er direct in- en uitstappen.

Bron: **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 23**1 De bestuurder mag zijn voertuig niet laten stilstaan: a. op een kruispunt of een overweg; b. op een fietsstrook of op de rijbaan langs een fietsstrook; c. op een oversteekplaats of binnen een afstand van vijf meter daarvan; d. in een tunnel; e. bij een bord bushalte ter hoogte van de geblokte markering dan wel, ingeval die markering niet is aangebracht, op een afstand van minder dan 12 meter van het bord; f. op de rijbaan langs een busstrook en g. langs een gele doorgetrokken streep. 2 Onderdeel e van het eerste lid geldt niet voor het onmiddellijk laten in- en uitstappen van passagiers. § 10. Parkeren [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel23)

## Parkeren: verboden plaatsen en hoe te plaatsen

Parkeren mag niet op die plekken. In parkeervakken sta je in de vakken. Dubbel parkeren mag niet.

Vlak bij een kruispunt in een woonstraat is nog een plek, drie meter van de hoek. Je rijdt door en kiest een plek voorbij vijf meter, omdat parkeren dichterbij verboden is.

Tijdsaanduidingen op onderborden horen bij parkeerborden; buiten die uren geldt het niet. Bij een [voorrangsweg](/begrippen/voorrangsweg) buiten de [bebouwde kom](/begrippen/bebouwde-kom) gaat het om de rijbaan. Je mag niet parkeren binnen vijf meter van een kruispunt, voor inrit of [uitrit](/begrippen/uitrit), langs gele onderbroken streep. Niet op laad- en losplaats. Niet tegen de aanduiding bij een [parkeergelegenheid](/begrippen/parkeergelegenheid), niet op vergunninghoudersplaats zonder vergunning, en buiten de bebouwde kom niet op de rijbaan van een voorrangsweg. Staan er onder borden dagen of uren, dan gelden geboden of verboden alleen dan. Dubbel parkeren is verboden. Staan er parkeervakken, dan parkeer je binnen de vakken die er zijn.

Neem aanwijzingen op een parkeergelegenheid niet ruimer; je volgt precies het bord of onderbord.

Bron: **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 24**1 De bestuurder mag zijn voertuig niet parkeren: a. bij een kruispunt op een afstand van minder dan vijf meter daarvan; b. voor een inrit of een uitrit; c. buiten de bebouwde kom op de rijbaan van een voorrangsweg; d. op een parkeergelegenheid: 1°. voor zover zijn voertuig niet behoort tot de op het bord of op het onderbord aangegeven voertuigcategorie of groep voertuigen; 2°. op een andere wijze of met een ander doel dan op het bord of op het onderbord is aangegeven; 3°. op dagen of uren waarop dit blijkens het onderbord is verboden; e. langs een gele onderbroken streep; f. op een gelegenheid bestemd voor het onmiddellijk laden en lossen van goederen; g. op een parkeerplaats voor vergunninghouders, aangeduid door verkeersbord E9 van bijlage I , indien voor zijn voertuig geen vergunning tot parkeren op die plaats is verleend. 2 Indien onder de verkeersborden E4 tot en met E8, E12 en E13 van bijlage 1 , op een onderbord dagen of uren zijn vermeld, gelden de uit het bord of onderbord voortvloeiende geboden of verboden slechts gedurende de aangegeven dagen of uren. 3 De bestuurder mag zijn voertuig niet dubbel parkeren. 4 Indien een parkeergelegenheid, aangeduid met een van de verkeersborden E4 tot en met E10, E12 of E13 van bijlage 1 , is voorzien van parkeervakken, mag slechts in die vakken worden geparkeerd. [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel24)

## Parkeerschijf-zone en blauwe streep

In een [parkeerschijf](/begrippen/parkeerschijf)\-[zone](/begrippen/zone) parkeer je alleen op aangewezen plekken, met de parkeerschijf op aankomsttijd ingesteld.

In een parkeerschijf-zone parkeer je alleen op aangewezen plekken of bij een blauwe streep.

Op een blauwe streep parkeer je met een [motorvoertuig](/begrippen/motorvoertuig) op meer dan twee wielen alleen met een duidelijk zichtbare parkeerschijf. Leg de schijf dan achter de voorruit.

Een parkeerschijf toont aan één kant kalenderuren en zet het begin van het parkeren in hele of halve uren. Automatische schijven die tijdens het parkeren doorschuiven zijn niet toegestaan.

Rond het aankomsttijdstip af naar het volgende hele of halve uur. De toegestane parkeerduur mag niet verlopen zijn.

Als op een onderbord dagen of uren staan, gelden deze regels alleen in die periode.

Bron: **Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990), artikel 25**1 Het is verboden in een parkeerschijf-zone te parkeren, behalve op parkeerplaatsen die als zodanig zijn aangeduid of aangegeven of plaatsen die zijn voorzien van een blauwe streep. 2 Op plaatsen die zijn voorzien van een blauwe streep is het parkeren van een motorvoertuig op meer dan twee wielen slechts toegestaan indien het motorvoertuig is voorzien van een duidelijk zichtbare parkeerschijf. Indien het motorvoertuig is voorzien van een voorruit, wordt de parkeerschijf achter de voorruit geplaatst. 3 Op de parkeerschijf staat aan de getoonde zijde slechts één cijferreeks, die een aanduiding geeft van de kalenderuren, en die vanaf het begin van het parkeren in duidelijk leesbare cijfers tegen een contrasterende achtergrond in hele of halve uren het tijdstip weergeeft waarop met het parkeren is begonnen. Een parkeerschijf voorzien van een mechanisme dat tijdens het parkeren het tijdstip van aankomst automatisch verschuift, mag niet worden gebruikt. 4 Bij het instellen mag het tijdstip van aankomst naar boven worden afgerond op het eerstvolgende hele of halve uur. De toegestane parkeerduur mag niet zijn verstreken. 5 Indien op een onderbord dagen of uren zijn vermeld, gelden het tweede tot en met het vierde lid slechts gedurende die dagen of uren. [Lees het artikel op wetten.overheid.nl](https://wetten.overheid.nl/BWBR0004825/2026-07-01#Artikel25)

## Ook een rijschool nodig?

De theorie leer je hier gratis. Voor de rijlessen heb je een rijschool nodig. Op Ribba vergelijk je rijscholen op het slagingspercentage van het CBR, het prijsniveau en de beoordelingen van eerdere leerlingen.

[Rijscholen vergelijken](/rijscholen)

---
Bron: https://ribba.nl/gratis-theorie-leren/gebruik-van-de-weg — Gebruik van de weg | Gratis theorie leren | Ribba
